Frans Wijnands
woensdag 23 november 6:45
Hij zat in een supermarkt in het Gentse, vlakbij de ingang waar een ronde mevrouw kaasblokjes presenteerde aan de binnenkomende klanten. Hij hàd wat met die mevrouw, tussen de bedrijven door.
Want hij zat er ambtshalve, met een zichtbare mengeling van verlegenheid, bravoure en verveling. Sinterklaas. Op z’n Bels… ; op z’n Belgisch om het wat deftiger te zeggen.
Hij zat op een keukenstoel tegen een slordig gedrapeerd roestbruinrood gordijn. Je kon best om hem heen. Ik bedoel, dat-ie niet zo pontificaal als een semi-religieuze blikvanger te kijk zat. Hij zat er meer toevallig langs het brede, drukke looppad en zat geen mens in de weg.
Je moest ’m gaan opzoeken maar dat deed bijna niemand. Zelfs nog gelovige kindertjes moesten met enige dwang naar de goedheiligman geduwd worden. De zakken snoep en de berg pakjes hielpen de kleintjes tenslotte over hun schroom en afschuw heen.
En dan was er nog niet eens een behoorlijke Zwarte Piet te bekennen. Sinterklaas klaarde de klus alleen, als een mis zonder misdienaars. Het was een weinig uitnodigend tafereeltje. Sint hing op z’n stoel alsof-ie onder zijn versleten tabberd een fles oud-Hasseltse jenever voor het grijpen had. De mijter wat scheef en een baard waar de krul uit was. Het grijswitte haar hing in slierten tot op z’n knieën. Een verlopen ‘heilige’; een kerkelijke armoedzaaier die van z‘n laatste euro’s nog wat prullaria uitdeelde onder het motto dat een kinderhand tenminste gauw gevuld is.
Knipoog
Sint had feitelijk nauwelijks oog voor de kinderen. Ze interesseerden hem duidelijk niet. Hun moeders des te meer. Elke vrouw kreeg een knipoog, tussen vettig en speels in en tegen de mannen lachte hij een beetje samenzweerderig en tegelijk verontschuldigend.
Een soort Sinterklaas dat je in Nederland niet meer tegenkomt. De vaderlandse middenstand en grootgrutters gooien er graag een paar centen tegen aan om de beschermheilige van hun decemberomzetten behoorlijk te kleden en in de watten te leggen.
Nederlandse Klazen mogen internationaal gezien worden. De tijd van half bezopen brabbelaars op aftandse paarden of in krakende landauers is al lang voorbij. Net zoals de rust rond het Sinterklaasfeest. Dat wordt haastig afgewerkt, want groot en klein zijn al volop bezig met Kerstmis, Oud en Nieuw, de vakanties in het nieuwe jaar.
Hulst en mistletoe
Dat is een treurige ontwikkeling. Nog even, en dan hangen we op 5 december het huis vol hulst en mistletoe en gebruiken de baard van de allerlaatste Sint als engelenhaar voor in de vroegtijdige kerstboom.
Op 6 december moeten kinderogen twinkelen van pret vanwege de gekregen cadeautjes en op 25 december hoeven die kinderogen alleen maar de kaarsjes in de kerstboom te weerspiegelen, zonder al die materiele rimram. Met een grote borstplaat voor de kop helpen we het ene kostbare familiefeest om zeep en verminken we het andere.